Van Groningen tot Eindhoven en van Den Haag tot Apeldoorn: in 20 steden voeren organisaties van 5 tot en met 10 oktober actie onder de gezamenlijke oproep: 'Niet wachten, maar wonen!' De vorm verschilt per stad — een huiskamer zonder dak op een plein, een wachtkamer, een stadswandeling, een tentoonstelling — maar overal staat dezelfde wekker, waarop bezoekers hun antwoord achterlaten op de vraag hoe lang zij zouden kunnen wachten op een huis. Die antwoorden gaan in november mee naar de Tweede Kamer, samen met de petitie.
Daarnaast overhandigen de organisaties hun wethouder Wonen een tweede "Niet wachten maar wonen" wekker, met de vraag hoe hij of zij zich inzet voor een einde aan dakloosheid. Dat gebeurt in de Landelijk Actieweek in gemeenten door het hele land. De actieweek wordt afgesloten op zaterdag 10 oktober, Wereld Dakloze Mensen Dag, bij het Landelijk Woonprotest in Amsterdam. Dakloosheid Voorbij! is daarvan medeorganisator; de eerste eis van dat protest is het bestrijden van dakloosheid.
Op 11 november debatteert de Tweede Kamer over de aanpak van dakloosheid en de eindrapportage van onderzoeksbureau Significant over het Nationaal Actieplan Dakloosheid 'Eerst een Thuis'. In dit plan belooft de overheid dakloosheid vóór 2030 op te lossen. Het rapport, dat in december vorig jaar verscheen, laat zien dat de uitvoering achterblijft: het plan en de aanbevelingen liggen er, maar de benodigde stappen blijven uit.
Geert Ritsema van Dakloosheid Voorbij!: "Dakloosheid is geen natuurverschijnsel, maar het gevolg van verkeerde politieke keuzes. Die keuzes moeten anders. De politiek moet voor dakloze mensen snel en met voorrang meer woningen beschikbaar stellen."
Wachten in dezelfde rij
In veel steden wacht je acht jaar of langer op een sociale huurwoning. Mensen die dakloos zijn staan in diezelfde rij. Een klein deel van hen leeft op straat; de meesten zijn onzichtbaar. Uit de ETHOS-tellingen in zeventien regio's en 124 gemeenten (2023–2025) blijkt dat drie op de tien mensen zonder thuis noodgedwongen bij familie of vrienden verblijven, en twee op de tien op een niet-conventionele plek zoals een auto of een caravan.
Het beeld van wie dakloos is, klopt vaak niet. Een op de drie getelde mensen is vrouw. Minimaal vijftien procent is kind. Een op de vijf is tussen de 18 en 27 jaar oud.
'Het kan echt iedereen overkomen'
Pieter (64) werkte 35 jaar bij hetzelfde bedrijf en daarna voor zichzelf. Door een samenloop van omstandigheden raakte hij zijn woning kwijt: eerst hotels, toen buiten, uiteindelijk drie maanden in een tent. Tweeënhalf jaar zonder eigen plek. Gevraagd wat hij in die periode het meest miste, zegt hij: "Ik miste mijn aardappeltjes, sperziebonen en karbonade."
"De periode zonder thuis veranderde mijn blik op dakloosheid," zegt Pieter. "Het kan echt iedereen overkomen. Daar ben ik een levend voorbeeld van. En we kunnen blijkbaar niet rekenen op een vangnet dat ons daartegen beschermt."
Mensen zonder thuis kunnen niet blijven wachten op een woning. En Nederland kan niet blijven wachten met oplossingen die al op tafel liggen. De tijd tikt door.
Niet wachten, maar wonen.
Waar de actieweek om vraagt
Dakloosheid Voorbij! biedt op 11 november een petitie aan de Tweede Kamer aan, met drie oproepen aan de regering:
Behandel dakloosheid als woningnood. Het is de ergste vorm ervan. Leg de aanpak daarom bij het ministerie van Volkshuisvesting en bij de wethouders Wonen — en beoordeel woonbeleid op of het aantal dakloze mensen daalt.
Maak een woning de eerste stap, niet de laatste. Laat mensen niet eerst maanden of jaren in de opvang verblijven. Dat is duur, het werkt niet en het is onmenselijk. Zorg dat gemeenten hen direct aan een woning helpen.
Laat niemand zonder thuis jarenlang wachten. Geef alle mensen die dakloos zijn toegang tot urgentie op een woning — ook als zij niet in de opvang zitten of geen kinderen hebben.














































